Present Simple in het Engels

Onvoltooid Tegenwoordige Tijd

In het Engels gebruiken we de Present Simple voor dagelijkse gewoonten, algemene feiten en herhalende acties.

Wanneer gebruik je de Present Simple?

Deze tijd wordt meestal gebruikt voor gewoonten, algemene waarheden en regelmatige gebeurtenissen.

GebruikVoorbeeld
GewoontenI drink coffee every morning.
Algemene feitenThe sun rises in the east.
RoostersThe train leaves at 8 PM.
Regelmatige actiesShe studies every day.

Ontkennende zinnen

Ontkenningen worden gevormd met 'do not' of 'does not'.

StructuurVoorbeeld
I/You/We/They + do not + werkwoordThey do not work.
He/She/It + does not + werkwoordShe does not work.
Korte vormShe doesn't work.

Vragende zinnen

Vragen in de Present Simple beginnen meestal met do of does.

StructuurVoorbeeld
Do + onderwerp + werkwoord?Do you work here?
Does + onderwerp + werkwoord?Does she speak English?
Korte antwoordenYes, I do. / No, she doesn't.

Bijwoorden van frequentie

Bijwoorden van frequentie worden vaak gebruikt met deze tijd.

BijwoordBetekenisZin
alwaysaltijdShe always wakes up early.
usuallymeestalI usually drink tea.
oftenvaakThey often travel.
sometimessomsWe sometimes eat out.
nevernooitHe never smokes.

Correct gebruik controleren

Check deze punten voor een juist gebruik:

  • Gaat het om een gewoonte of feit?
  • Is het onderwerp he, she of it?
  • Moet er een -s achter het werkwoord?
  • Heb je do of does nodig voor vragen/ontkenningen?

Basisstructuur van de zin

Present Simple zinnen worden gevormd met het onderwerp en de stam van het werkwoord.

StructuurVoorbeeld
Onderwerp + werkwoordI work.
Onderwerp + werkwoord + objectShe reads books.
Onderwerp + werkwoord + bijwoordThey play often.

Voorbeeldzinnen

I work in an office.Ik werk in een kantoor.
She drinks coffee every morning.Ze drinkt elke ochtend koffie.
They play football on weekends.Ze voetballen in het weekend.
He studies English every day.Hij leert elke dag Engels.
Do you like pizza?Hou je van pizza?

3e persoon enkelvoud (He / She / It)

Bij He, She en It wordt er meestal een -s of -es achter het werkwoord geplaatst.

Werkwoord3e persoonZin
workworksShe works every day.
playplaysHe plays football.
watchwatchesShe watches TV.
studystudiesHe studies English.
  • De meeste werkwoorden krijgen een -s
  • Werkwoorden die eindigen op -s, -sh, -ch, -x krijgen -es
  • Werkwoorden die eindigen op medeklinker + y: y wordt ies

Meer Engelse grammatica